The Invention of the Jewish People
Het 'Joodse volk' is een mythe

6 december 2011
Door Jay Moore

Is er nu, na meer dan zestig jaar verhitte debatten, over een weer, nog iets nieuws en inzichtelijks te zeggen dat enig gewicht in de schaal kan leggen in het Israëlisch-Palestijnse conflict, en dat kan helpen politieke en intellectuele verlichting te brengen - toch in ieder geval bij hen die ervoor open staan?

Jawel, dat is er! Het staat in een boek van de in Israël geboren hoogleraar geschiedenis Shlomo Sand, zoon van overlevenden van de Holocaust: 'The Invention of the Jewish People', een boek dat al in 2008 in het Hebreeuws verscheen, maar genegeerd door de gevestigde media weinig stof deed opwaaien, al werd het inmiddels wel vertaald in meer dan tien talen.

Shlomo Sand draait er niet omheen, en komt direct tot de kern van de zaak. Hij ontmantelt de mythes die hebben geleid tot de oprichting van de staat Israël, de mythes die de Zionisten voorzagen van de rechtvaardiging het land te stelen van de oorspronkelijke bewoners. Sand doorprikt die mythes, en zorgt ervoor dat de Zionisten hun belangrijkste argumenten ontnomen worden.

De mythes die aan de basis liggen van de oprichting van Israël zijn tweeledig. Ten eerste is er het verhaal dat de Joden uit het Heilige Land werden gegooid door de Romeinse vernietiging van Jeruzalem, en dan werden verstrooid over verschillende regio's in het Middellandse Zeegebied en elders. Ten tweede is er het verhaal dat de huidige Joodse inwoners van Israël de afstammelingen zijn van die vroege Joden. Dientengevolge doen Joden, in de logica van de apologeten voor het inrichten van een koloniale staat in Palestina, niets anders dan het herinnemen van het land waar ze oorspronkelijk vandaan zijn gekomen, en maken ze zo een einde aan een lange en pijnlijke verbanning. Op het eerste gezicht lijkt dat argument enige legitimiteit te hebben - zelfs als je niet valt voor de chauvinistische, religieuze mythe dat Joden de uitverkorenen zijn, en dat ze de eigendomspapieren van het Beloofde Land, die ze 2.000 jaar lang met zich mee hebben gedragen, direct van Abraham, Mozes en Jehova de Grote zelf hebben gekregen.

Het eerste punt dat Sand maakt is dat de Romeinen, hoewel ze waarschijnlijk twee keer - in 70 en 1335 n.C. - op brute wijze een lokale opstand neersloegen, hadden de Romeinen geen interesse in etnische zuivering. Er kon alleen belasting in de Romeinse schatkisten terechtkomen wanneer de bewoners hun landerijen bleven bewerken. En ook al zouden de Romeinen alle oorspronkelijke bewoners uit Judea hebben willen verwijderen, dan zouden ze daarvoor niet de technologische en logistieke capaciteiten gehad.

Maar waar kwamen dan de verschillende diaspora-Joden vandaan? Het antwoord van Sand is eenvoudig en logisch en wordt gestaafd door een grote hoeveelheid bewijs uit de eerste en tweede hand: hoeveel het vandaag de dag niet het geval is, was het Jodendom 2.000 jaar geleden een geloof met een zeer sterke zendingsdrang (zoals later ook het Christendom en de Islam). De joden elders in Europa zijn vrijwel alle maal afstammelingen van mensen die zich ooit tot het Jodendom hebben bekeerd. Ashkenazi-Joden (Joden in Oost-Europa) zijn vrijwel allemaal afstammelingen van de Khazaren, wiens koning zich in de 8e eeuw bekeerde. Sefardische Joden (op het Iberisch Schiereiland en in Noord-Afrika) zijn nakomelingen van bekeerde Berbers.

Vrijwel alle Joden die achterbleven in Judea onder Romeinse heerschappij (en lang daarna) bekeerden zich om pragmatische of religieuze redenen tot het Christendom en later tot de Islam. Daaruit volgt de simpele conclusie - als het iets uitmaakt - dat de meest direct afstammelingen van de Bijbelse Joden die we leren kennen in de Bijbelverhalen, die mensen zijn die we vandaag de dag Palestijnen noemen, want zij hebben er al die tijd geleefd, en niet de 20e eeuwse immigranten uit Duitsland, Polen, Rusland, Marokko of Brooklyn. Het concept van de Ahasverus (de wandelende Jood) werd, zoals Sand aantoont, verzonnen door de vroege Christenen, die het zagen als een straf van God, voor de zogenaamde moordenaars van Christus, die hadden geweigerd zich te bekeren tot hun nieuwe geloof. Vreemd genoeg werden deze verzinsels, van origine dus uiterst antisemitisch, later geadopteerd door de Zionisten.

Voor Sand zijn Joden niet 'één volk'. 'Joodsheid' is niet een gefundamentaliseerd, etno-nationale identiteit. Het is niets anders dan een religieuze organisatie (net als Christendom, Islam, Boeddhisme, etc). Aldus is het Jodendom in het verleden aantrekkelijk gebleken voor een grote verscheidenheid aan mensen.

Daardoor waren er grote verschillen tussen Joodse gemeenschappen, als we kijken naar de culturele, niet religieuze praktijken. Sand put uit het werk van Benedict Anderson en Ernest Gellner over de statenvorming in Europa tijdens de 18e en de 19e eeuw, om aan te tonen hoe de grondleggers van het Zionisme zoals Theodor Herzl, geholpen en aangemoedigd door een groot aantal historici en intellectuelen, een "denkbeeldige gemeenschap" uitvonden om hun nationalistische project vooruit te helpen, waarvan zij dachten dat het de Europese Joden zou behoeden voor antisemitisme. Ze vonden iets uit wat nog niet eerder had bestaan: een Joods volk.

Vandaag de dag, zoals aangetoond door Sand in het eerste hoofdstuk van zijn boek middels treurige en kromme verhalen over mensen die hij persoonlijk kent, , leiden de pogingen om vast te stellen wie echt Joods is en dus toegang heeft tot Israël, tot tal van absurditeiten. In Israël wordt de vaststelling overgelaten aan de religieuze autoriteiten, maar een religieuze Jood zijn is niet voldoende, en in sommige gevallen, zoals met de vele immigranten uit Rusland, niet noodzakelijk.

Sand heeft niets dan minachting voor de herhaaldelijke pogingen van de Zionistische wetenschappers een "Joods gen" te identificeren, dat alle Joden in zich ragen, ongeacht hun heel verschillende culturele achtergronden. In een naschrift bij de Engelse editie van zijn boek verklaart Sand: "Deze pogingen om Zionisme met de genetica te rechtvaardigen roepen herinneringen op aan de procedures van laatnegentiende-eeuwse antropologen die heel wetenschappelijk op zoek waren naar de specifieke karakteristieken van de Europeaan. Tot op de dag van vandaag is geen enkele studie gebaseerd op anoniem DNA er in geslaagd een genetisch merkteken te vinden dat specifiek is voor Joden, en het is niet zeer waarschijnlijk dat een studie daar ooit in zal slagen. Het is pure ironie om te zien hoe overlevenden van de Holocaust en hun nakomelingen proberen een biologische Joodse identiteit te vinden; Hitler zou er zeker blij mee geweest zijn. Het is des te weerzinwekkender dat dit soort onderzoek plaatsvindt in een land dat al jaren een beleid voert dat gericht is op de "Verjoodsing van het land", waar het zelfs nu een Jood niet is toegestaan te trouwen met een niet-Jood.

Sand haalt in zijn boek nog een andere mythe onderuit, een hedendaagse onwaarheid die gebruikt wordt om de staat Israël te rechtvaardigen, zijnde de verklaring dat Israël een democratie is - zogenaamd de enige in het Midden-Oosten. Als dit een democratie is, zo stelt Sand ironisch, is het wel een zeer ongewone, met speciale rechten, zoals het recht op terugkeer, voor zijn Joodse burgers, maar niet voor de 20% van de bevolking die Palestijn is (en dan hebben we het nog niet over de inwoners van de bezette gebieden, niet-burgers, die dagelijks allerlei vernederend misbruik en landjepik moeten ondergaan). (Sinds het boek werd geschreven werden in Israël tal van wetsvoorstellen ingediend die het land nog verder van een echte democratie doen afdwalen, zoals bijvoorbeeld het strafbaar stellen van het aanmoedigen tot een boycot, of twijfel aan het Joodse karakter van het land.)

Sand neemt wat de laatste jaren een 'post-Zionistisch' standpunt genoemd wordt in, en stelt dat, nu de staat Israël een voldongen feit is na zoveel jaren na de oprichting in 1948, het land zichzelf moet veranderen in een moderne seculiere staat, die opkomt voor de gelijke rechten van alle inwoners, ongeacht hun religieuze of etnische achtergrond. Hij geeft echter niet aan hoe zo'n transformatie zou kunnen plaatsvinden.

Het goed gedocumenteerde boek van Shlomo Sand, dat eindelijk de historische waarheid achter de Zionistische mythes ontkracht, heeft in Israël voor heel wat controverse gezorgd, en verdient het om dat ook buiten Israël te doen. Vooral bij de liberale groepen in de VS, vanwaar Israël enorme financiële steun ontvangt, steun die het land niet verdient zolang de mensenrechten van de Palestijnen op barbaarse wijze worden geschonden door de Israëlische autoriteiten en hun eigen versie van Apartheid, zou het boek veel gelezen moeten worden.

Sand neemt weliswaar niet de keiharde antizionistische standpunten in, zoals zijn Israëlische collega-historicus Ilan Pappé (auteur van The Ethnic Cleansing of Palestine), nu in ballingschap vanwege die standpunten, dat doet. Maar 'The Invention of the Jewish People' is een boek van groot historisch belang.

***

Origineel: 'Deconstructing the Foundational Myths of Israel'
Vertaling©: Arjan Plantinga





© Arjan Plantinga
Alle rechten voorbehouden

Lees ook:

 

privacybeleid